Labd_Pals-Letselschade-Bekendheid.jpg

De mevrouw die mij had aangesproken herkende ik wel maar daar hield het voor dat moment even mee op. Geen naam, geen relatie, gewoon geen idee wie ze was. Zij was wel goed met mij bekend. Dat was overduidelijk. En ik hoorde mijzelf haast automatisch antwoorden: “Goed hoor. En met jou?” Met haar ging het ook goed. Ze had een ander baantje. Haar dochter met wie ze zat te eten, vertelde dat zij daar ook werkte. Mijn hersenen maakten overuren en gingen alle verschillende registers met de mij bekende personen langs. Maar mijn neurologische database liet zich niet zo snel doorzoeken. Ondertussen babbelde mevrouw rustig verder en maakte de gebruikelijke opmerking die bekenden maken als ze elkaar bij een snackbar tegenkomen. Iets in de trant van: “Ook geen zin in koken?” Ik zei iets over een mislukte maaltijd en gelukkig zei ze toen: “Smakelijk eten!” waardoor ik met dezelfde wens afscheid kon nemen.

Pas thuisgekomen wist ik het weer. Het was de dochter van een cliënte, een bejaarde dame uit mijn eigen dorp. Een zaak die ik al een paar jaar geleden had afgerond. Want het was nog voor corona. Details kwamen boven maar de naam van het slachtoffer of die van haar dochter weet ik nog steeds niet. Op zich ook niet zo raar. Ik heb in mijn carrière bij Pals letterlijk enkele duizenden cliënten geholpen. En die ken ik natuurlijk niet meer allemaal bij naam. Maar de kans dat ze mij nog wel bij naam kennen is een stuk groter. Voor mij is het dagelijks werk maar voor mijn klanten een eenmalige heftige gebeurtenis waarin ik dan voor hen een (belangrijke) rol heb gespeeld.

Dezelfde week van de ontmoeting bij de snackbar reed ik ’s avonds een rondje op de motor. In de kleine 100 km dat ik onderweg was, kwam ik zeker bij de huizen van vijf oud-cliënten langs. Allemaal met een eigen verhaal. Dat herinner ik me wel. Bij de meesten zou ik welkom zijn voor een bakje koffie. Maar ja, dat doe ik dan toch niet. Want vaak weet ik dan wel het verhaal maar geen naam meer. En nog los van de gebruikelijke gêne die ik als de meeste Nederlanders voel om zomaar ergens langs te gaan, wordt dat helemaal gênant als je dan niet eens weet hoe de persoon in kwestie heet. Ondanks mijn zeer lokale bekendheid.

Met een paar oud-cliënten heb ik nog contact (gehad). Dat zijn verhalen op zich. In principe ben ik daar terughoudend in. Liever niet te dichtbij, bij uitzondering in eigen dorp en laten we het vooral zakelijk houden. Wel betrokken hoor. Ik heb geen moeite om persoonlijke zaken te delen. Mijn klanten delen ook hun lief en leed dus mogen ze ook best wat van mij weten. Maar laten we vooral gewoon doen. Dat zit er toch ook bij mij nog wel een beetje in. Niet te veel pretenties. Ik doe ook maar gewoon mijn werk.

En dan word ik toch zo maar herkend. En weten mensen soms dingen over mij die ik niet had verwacht. Ach ja, er zijn zelfs mensen die deze blogs lezen. En daardoor dingen weten waarvan ik zelf niet eens meer weet dat ik ze heb gedeeld. Over mijn hobby’s, onze hond, de tuin, ja zelfs over mijn gezin. En dat is dan toch ook wel weer mooi.

Maar het mooiste compliment blijft toch wel als mensen je enthousiast begroeten. Spontaan op een terras bij de snackbar. Niet omdat ze mij herkennen maar omdat ik blijkbaar iets voor ze heb betekend.

Bert Heida, Letselschadespecialist NIVRE-re