Labd_Pals-Letselschade-sprookje.webp

Op zo’n dag had ik een afspraak in een dorpje in Drenthe. In een nette broek, een net overhemd met korte mouwen en nette schoenen op weg in mijn auto van de zaak. Toen nog zonder airco. Met de ramen open reed ik naar het betreffende adres dat ruim buiten de bebouwde kom bleek te liggen. Langs een kanaal, in het midden van nergens, passeerde ik een wat vervallen boerderij. Grote bouwhekken versperden de inrit. Erachter zag ik grote honden van het type dat ik het liefste achter grote hekken zie. Volgens de adresgegevens moest het hier zijn. Vertwijfeld keek in nog in het rond. Misschien was er nog een ander huis in de buurt. Iets minder vervallen, zonder hekken en vooral zonder honden.

Maar nee, deze boerderij moest het wel zijn. In de wijde omgeving waren er geen andere gebouwen die als de woonplaats van mijn cliënt zouden kunnen dienen. Hij had een bedrijfsongeval gehad met ernstig letsel en was sinds kort thuis. Dit was mijn eerste bezoek en nu zat ik zwetend moed te verzamelen. Mijn auto had ik een stukje voorbij de boerderij in de berm geparkeerd. Ik zette de motor uit. De muziek stopte. Nu hoorde ik alleen nog de natuur. Vogels, insecten en iets in het water van het nabije kanaal. Ik sloot het raam en toen zag ik haar…

In de autospiegel kwam ze vanaf de boerderij naar mijn auto lopen. Beeldschoon! Lange benen, een kort wit jurkje met zwarte stippen, ravenzwart haar. In de spiegel zag ik de trillende lucht mijn beeld vervormen. Dit kon niet echt zijn! Ik schudde letterlijk met mijn hoofd en kneep even mijn ogen dicht. Was ik door de hitte bevangen? Toen ik mijn ogen opendeed was ze er nog steeds. Een Arabische prinses op het Drentse platteland. En ik stapte uit.

Ze vroeg of ik meneer Heida was. En al was ik dat niet geweest dan had ik mij toch zo gepresenteerd. Want ik vond haar betoverend. Ze bleek de vriendin van mijn cliënt en was mij tegemoet gelopen om mij te verzekeren dat de honden netjes waren opgeborgen. Ik kon rustig meelopen. Dat deed ik. Ik kon ook niet anders.

Binnen lag haar vriend op de bank. In de woonkamer waren een aantal benches met puppy’s van het type dat ik niet als volwassen hond in huis zou halen. Van het gesprek herinner ik me verder weinig. Terwijl ik me heel erg op mijn cliënt en niet op zijn vriendin probeerde te concentreren. Die de tweede keer dat ik haar zag (onder normale temperaturen) minder exotisch was dan ik me herinnerde. Het was toch de hitte geweest. Mijn sprookje uit Duizend-en-een-nacht.

Bert Heida, Letselschadespecialist NIVRE-re