Voorschot

Mijn vrouw heeft wel eens gezegd dat ze mijn werk niet zou kunnen doen. Dat had dan niet te maken met de specifieke opleiding of deskundigheid maar met de verhalen die ik af en toe deelde. Zoals over een poging om een voorschot te krijgen voor een ernstig gewond slachtoffer. Een korte samenvatting uit de praktijk:

Bert_Voorschot_Web.jpg


Ik: “Twee weken geleden heb ik u een aansprakelijkstelling gestuurd. Aangezien ik nog geen reactie heb gekregen, ben ik zo vrij om te bellen. Misschien wat snel, maar het gaat om zeer ernstig letsel.”

Verzekeraar: “Ik ga even voor u kijken. Oh, ik zie het al. Dit was een dossier van de heer B. Maar die werkt niet meer bij ons. Het dossier moet nog opnieuw worden verdeeld. Dat is nog niet gebeurd.”

Ik: “Het gaat wel om heel ernstig letsel. Er worden nogal wat kosten gemaakt dus er is wel wat haast bij. Een voorschot op de schade zou erg welkom zijn. Kunt u dan vragen of het dossier aan iemand wordt toebedeeld?”

Verzekeraar: “Ik ga daar niet over. Maar ik maak een notitie voor degene die over de herverdeling gaat. Dan hoort u wel van de nieuwe behandelaar.”

Twee dagen later heb ik hetzelfde gesprek met een andere mevrouw: “Nee, de nieuwe behandelaar is nog niet bekend. Inderdaad, heel vervelend. Ik maak er meteen een notie van.”

Ik: “Dan bel ik morgen wel weer.”

De volgende dag bel ik weer. “Ja, de nieuwe behandelaar is bekend maar zij zit nu in een overleg. Vanmiddag moet het lukken.” ’s Middags om 13.30 uur bel ik opnieuw. “Nee, het lukt niet haar te bereiken. Misschien nog met lunchpauze. Ik maak een notitie dat zij u even belt.” Om 16.30 heb ik nog niets gehoord. Ik bel weer. Na 5 minuten in de wacht te hebben gestaan, word ik doorverbonden met de verkeerde persoon: “Nee, mevrouw G. is al naar huis. Zij werkt maar tot vier uur. En morgen is haar parttime dag. Zal ik vragen of zij u dan vrijdag even belt?”

Ik: “Dat verzoek om mij te bellen heeft ze al gekregen. Kunt u niet even voor mij kijken wat de stand van zaken is?”

Verzekeraar: “Natuurlijk. Geen probleem. Ik zoek het er even bij. Ach nee, dit is nog een fysiek dossier. Ik kan dat niet inzien. Zal ik mevrouw G. vragen om het even met voorrang op te pakken? Dat zij u vrijdag dan even belt?”

Ik: “Ik bel vrijdag zelf wel. Maar geeft u het ook nog maar even door. Dan zou het vrijdag moeten lukken.”

Vrijdag lukte het ook niet. Die maandag bleek er nog geen schadeformulier van de verzekerde te zijn ontvangen. Er zou alsnog een herinnering worden gestuurd. Nee, even bellen had ze niet gedaan. Zodra het binnen was, zou ze de mogelijkheid van een voorschot beoordelen. Of mijn cliënt geen schadeformulier had ingevuld? Nee, natuurlijk niet (domme t…, dacht ik) want mijn cliënt was immers met zwaar letsel naar het UMCG afgevoerd. Dus even samen een formulier invullen was niet gelukt. Dan moest zij helaas nog om enig geduld vragen.

Om een lang verhaal kort te maken: Ik heb uiteindelijk een klacht ingediend. De verzekeraar nog eens gewezen op de GBL (Gedragscode Behandeling Letselschade) waarbij het slachtoffer centraal dient te staan. Een dag later kreeg ik antwoord. Van mw. G. Het schadeformulier was binnen. Ze zou het gevraagde voorschot laten betalen.

Bert Heida, Letselschadespecialist NIVRE-re