Afgelopen weekend is er in Hengelo een ernstig ongeval gebeurd, doordat een twintiger (te) hard door rood reed. Hij veroorzaakte daarbij ernstig letsel bij een gezin (moeder, vader en baby).

Strafrecht

De man is aangehouden en zijn rijbewijs is ingevorderd. Er zal proces-verbaal worden opgemaakt. Aan de hand van het proces-verbaal zal de Officier van Justitie bepalen of, en zo ja hoe, de man vervolgd zal worden. De zaak kan geseponeerd worden – dan is er geen vervolging –, er kan een zogenaamde transactie worden aangeboden – dan betaalt de man een geldboete ter voorkoming van vervolging – of de zaak wordt aangebracht bij de rechter. Dan bepaalt uiteindelijk de rechter of er straf volgt en zo ja, welke.

Schadevergoeding

Het strafrecht is ontworpen om daders te straffen en niet om benadeelden te helpen. Als men schadevergoeding wil eisen, dan moet daartoe actie ondernomen worden. Daarvoor geldt het civiele recht; de regels uit het Burgerlijke Wetboek. Soms kan tegelijk met de strafzaak schadevergoeding verkregen worden, maar meestal zijn dat los van elkaar staande zaken.

De hoogte van de straf heeft in principe niets met de hoogte van de schadevergoeding te maken. Dat is ook wel logisch, omdat de hoogte van de schade afhangt van de gevolgen van een daad en niet van de ernst van de daad. Soms heeft een licht vergrijp grote gevolgen en omgekeerd.

Maar toch voelt iedereen wel aan dat bij een ernstig misdrijf, een stuk extra emotie loskomt en er als het ware nog meer gekrenktheid zou kunnen bestaan.

Smartengeld

Smartengeld is de vergoeding vanwege gederfde levensvreugde. De hoogte wordt bepaald door de ernst van het letsel en de gevolgen die dat letsel bij de benadeelde teweeg gebracht heeft. Men zegt wel dat het een hoogst persoonlijk recht is.

De hoogte van de smartengeldvergoeding is dus in eerste instantie niet afhankelijk van de (ernst van de) daad, waardoor die schade is veroorzaakt. De rechter kan echter met alle omstandigheden wel rekening houden. Soms zijn de daden van plegers zo ernstig dat ze toch meewegen bij de bepaling van de hoogte van het smartengeld. Te denken valt dan aan ernstige mishandeling en erger.

Conclusie

Er is dus eigenlijk geen duidelijk verband tussen de ernst van het vergrijp en de hoogte van het smartengeld. Dat heeft te maken met de inrichting van ons rechtssysteem: de gederfde levensvreugde is bepalend voor de hoogte van het smartengeld en – in beginsel – niet hoe dat is veroorzaakt. Toch lijkt er wel wat te zeggen voor wat meer invloed van de ernst van het handelen van de veroorzaker op de hoogte van het smartengeld.

Mr. Freek Schultz NIVRE-re
Letselschadespecialist Pals Letselschade