Niet zelden is wielrennen in het nieuws. Zeker in de zomermaanden, vanwege de Giro d’Italia en de Tour de France bijvoorbeeld, maar ook, omdat nog wel eens ongevallen gebeuren. Maar hoe zit het eigenlijk met de aansprakelijkheid als zoiets gebeurt?

Onrechtmatige daad

De meeste aansprakelijkheidsvragen over wielrennen moeten beoordeeld worden in het kader van de onrechtmatige daad, geregeld in artikel 6:162 BW. Bij ‘sport en spel’ geldt een verhoogde aansprakelijkheidsgrens, omdat ongevallen bij deelnemers door onvoorzichtigheid van anderen eerder te verwachten is.

Organisatie aansprakelijk

Aan de orde kan zijn dat de organisatie aansprakelijk is, als het parcours grote gevaren voor de deelnemers met zich brengt. Het schijnt dat men in Zeeland discussie voert over een haakse bocht circa twee kilometer voor de finish van de tweede etappe van de Tour de France; die start dit jaar in Nederland (Utrecht). Een dergelijke vraag – dus of de organisatie voor letselschade aansprakelijk kan worden gehouden – wordt beoordeeld door onder andere te kijken of er bepaalde regels die voor het soort wedstrijd waar het om gaat zijn overtreden (bijvoorbeeld regels van de KNWB). Soms worden deskundigen ingeschakeld om meer te weten te komen over de vraag of de situatie die aanleiding heeft gegeven voor het ongeval, (te) gevaarlijk was.

Medesporter aansprakelijk

Het kan ook zijn dat een andere wielrenner onrechtmatig heeft gehandeld. Daarvan is niet snel sprake. In het vuur van de strijd is natuurlijk wel wat geoorloofd, maar ook daar zijn grenzen. In dergelijk verband is relevant wat de arbitrage (als daarvan sprake is) oordeelt. Bij wedstrijden op lager (normaal) niveau zal geen arbitrage aanwezig zijn, maar gelden wel gewone verkeersregels. Als iemand een ander opzettelijk hard duwt met letselschade tot gevolg, zal diegene daarvoor aansprakelijk zijn.

Overstekende hond

Het komt ook voor dat schade bij wielrenners ontstaat, doordat een hond plotseling oversteekt. In zo’n situatie wordt de aansprakelijkheid niet gebaseerd op de onrechtmatige daad, maar op de ‘eigen energie’ van het dier. De bezitter van het dier is sowieso aansprakelijk voor schade, toegebracht door de ‘eigen energie’ van het dier, zie artikel 6:179 BW.

Conclusie

Aan wielrennen kleven risico’s op schade, echter soms is er wel degelijk een ander aansprakelijk voor de opgelopen schade, ook al geldt er een verhoogde ‘aansprakelijkheidsdrempel’.

mr. Freek Schultz NIVRE-re
Letselschadespecialist Pals Letselschade